Voor patiënten

Cholesteatoom

Beschrijving ziektebeeld
Een cholesteatoom is een abnormale ophoping van huid achter het trommelvlies of op andere plaatsen in de schedelbasis. Deze ophoping kan ontstaan omdat een deel van het trommelvlies intrekt en de buitenste huidlaag van het trommelvlies als het ware wordt gevangen in een holte rond het middenoor, maar ook als een nest huidcellen achterblijven op de verkeerde plek bij de vorming van de schedel tijdens de embryonale ontwikkeling. De eerste vorm heeft meestal een relatie met ooronstekingen, de tweede komt op verschillende plaatsen, veelal dieper gelegen in de schedelbasis voor en gaat meestal niet gepaard met ooronstekingen.  Voor deze laatste wordt als synoniem vaak -epidermoid- gebruikt. Per jaar krijgen zo’n 3-12 op de 100.000 mensen een cholesteatoom. Cholesteatomen groeien in het algemeen vrij langzaam en scheiden actieve stoffen uit die leiden tot het langzaam oplossen van het bot rondom het cholesteatoom.

Symptomen
Afhankelijk van de locatie van het cholesteatoom treedt vaak een verminderd gehoor, oorpijn oorsuizen of ooruitvloed (loopoor) op. Bij een verdergaande uitbreiding treed vaak duizeligheid en doofheid op. Zelden wordt de aangezichtszenuw aangetast en treed een eenzijdige aangezichtsverlamming op. Bij dieper gelegen (aangeboren) cholesteatomen kan de symptomatologie variëren en bijvoorbeeld alleen bestaan uit een verlamming van een van de oogspieren, gevoelsverlies van het gelaat of andersoortige verlammingen. Bij infectie van het cholesteatoom ontstaat vaak een moeilijk te behandelen ontsteking, die gecompliceerd kan verlopen door betrokkenheid van hersenvliezen en kan leiden tot hersenvliesontsteking en een hersenabces.  

Behandeling
Antibiotica kan een chronische middenoorontsteking rustiger maken voor genezing is doorgaans een schoonmakende (sanerende) ooroperatie nodig. Onder algehele anesthesie wordt via een sneetje achter het oor bot van het rotsbeen weggeboord. Zo kan er toegang worden verkregen tot het middenoor. Het aangetroffen cholesteatoom wordt grondig verwijderd. Vaak is het nodig om (een deel van) de gehoorbeenketen te verwijderen omdat deze vaak is aangetast door cholesteatoom. Er kan een prothese worden geplaatst om het gehoor (deels) te herstellen. Als het cholesteatoom de gehoorbeenketen heeft aangetast is het gehoor na de operatie vaak hetzelfde of slechter dan voor de operatie. Het trommelvlies, waar vrijwel altijd een defect in zit, wordt gesloten met bindweefselvlies. Meestal kan tijdens de operatie het bot van de gehoorgang intact worden gelaten. In sommige gevallen is het echter noodzakelijk om deze weg te halen, er ontstaat dan een grote holte van de gehoorgang met de rotsbeencellen. Dit wordt een radicaalholte genoemd. In zo’n geval moet het oor voor de rest van het leven regelmatig bij de KNO-arts schoon worden gemaakt. Na de operatie zal er regelmatig moeten worden gekeken of het cholesteatoom niet terug groeit. Er kan worden gekozen voor een MRI-scan of een tweede operatie (‘second look’) waarbij wordt gekeken of er nog cholestaatoom aanwezig is.

Op de website van de KNO-vereniging Nederland is ook online brochure voor patiënten beschikbaar: http://www.kno.nl/index.php/patienten-informatie/oor/cholesteatoom/